Overdenkingen
Spreken is zilver
‘Heer, zet een wacht voor mijn mond’.Het citaat komt uit Psalm 141. Dit gebed laat zien dat je al te makkelijk dingen zegt, die je beter niet kunt zeggen: Zet een wachtpost bij mijn mond die me helpt om niet iets te zeggen waarvan ik spijt krijg. Dat kunnen woorden zijn die ik niet kan waarmaken of woorden waarmee ik anderen schaad en dus kwaad doe.
In Psalm 34 staat deze les: ‘Behoed je tong voor het kwaad’. Dat sluit goed bij psalm 141 aan. Hoe makkelijk kun je kwaad doen door wat je zegt. Er zijn er die zo open en uitgesproken zijn dat ze het hart op de tong hebben. Dat klinkt goed en eerlijk. Maar kunnen ze ook wel eens zwijgen? Met veel spontaniteit kun je gezegend zijn, maar versta je ook de kunst om je mond dicht te houden? Kun je je ook beheersen in wat je zegt? Kun je ook zwijgen? Waar begint spreken en waar eindigt het? Waar eindigt goed spreken over iemand en waar begint eigenlijk roddel? Hoe mogen we spreken in de gemeente van Christus, als we omzien naar elkaar en ook aan de nood van de ander niet voorbij willen gaan? Gelukkig weten we van ambtsgeheim, waar datgene wat de ambtsdrager ter ore is gekomen ook niet verder verteld wordt. Maar geldt datzelfde vermogen tot zwijgen niet ook voor ieder van ons? Soms moet je spreken. Spreken is zeker zilver, want door met de ander te spreken kun je veel voor een ander betekenen. Maar laten we vooral niet vergeten dat het spreekwoord nog meer bevat wat niet met spreken te vatten is. Dat is de nobele kunst van het zwijgen. ‘Heer zet een wacht voor mijn mond’. Ook dat moeten we leren.
Ds Wim Reedijk
