Overdenkingen
OVERDENKING: Engel in het echt
De winkels stromen deze weken vol kerstartikelen. Mijn oog valt op een engelenkoor, een regiment van witte engeltjes met een liederenboek voor hun neus en een eigenwijze dirigent ervoor die met opgeheven armen de maat slaat. Ze hebben allemaal een lontje op hun hoofd. Kerstkaarsjes, te schattig om af te branden.
Iedere donderdagavond kom ik een engel tegen in het echt. We zingen aan het begin van een kapelviering van vrede, 'sjaloom allemaal'. Jaap springt op.'Sjaloom, dat ben ik, sjaloom nummer twee', zegt hij. 'Hannie is sjaloom nummer zes en Riny is sjaloom nummer vijf en zij daar met haar paarse trui is sjaloom nummer vier'. We worden zorgvuldig door hem in tel gebracht . We hoeven er niks voor te doen. Soms vraag ik hem of er ook een sjaloom nummer een is. Domme vraag. Dat is God natuurlijk, in de hemel. Maar die komt ook op aarde. 'En dan word je warm van binnen, dan moet je lachen. Dan is er licht in je buik.' Dan is er sjaloom in ons, dan zijn wij sjaloom op aarde.
Het is allemaal van een benijdenswaardige lichtheid. Soms te licht voor de zwaarte van verdriet, gemis en leegte die mensen met zich mee dragen. Er zijn donderdagen waarop zijn lichtheid genadeloos wordt. Maar een week later is hij er weer, mijn engel. Hij telt nog steeds. Al die op het eerste gezicht beperkte en vaak ook gehavende mensenlevens. 'Sjaloom nummer twee, sjaloom nummer vier'. Zijn engelenogen zien anders, zien verder. Als hij is uitgeteld steken we een kaarsje aan, vaak noemen we namen van mensen die niet meer bij ons zijn. De piano speelt de opmaat en wij vallen in:'Sjaloom allemaal'.
Anne Marie Booij
Geestelijk raadsvrouw voor mensen met een beperking
